Kees Vernooy

Emiritus Hoogleraar

Workshop

HET VERSTERKEN VAN HET BEGRIJPEND LEZEN VAN LEERLINGEN? WAT WERKT EN WAT WERKT NIET VOLGENS LEESONDERZOEK?

Dr. Kees Vernooy

Lector emeritus Effectief taal- en leesonderwijs

Door toonaangevende leeswetenschappers wordt goed kunnen begrijpend lezen als de belangrijkste 21e -eeuwse vaardigheid gezien. In de praktijk vinden zowel leerlingen als leerkrachten begrijpend lezen een lastig niet motiverend gebied, dat bovendien oppervlakkige en afnemende resultaten laat zien. Bovendien vragen leraren zich dikwijls af: wat beïnvloedt nu het begrijpend lezen? Welke activiteiten kunnen we volgens de wetenschap ondernemen om het begrijpend lezen van leerlingen te verbeteren? Wat werkt er nu wel en wat niet? En welke rol speelt onze methode voor begrijpend lezen? Worden onze leerlingen daar betere begrijpende lezers door? In dat verband wordt er ook aandacht besteed aan de opkomst van close reading.

Tot slot: We vergeten In Nederland en Vlaanderen nogal eens, dat het begrijpend lezen eigenlijk al voor de start van het technisch lezen begonnen is. Zo laten topwetenschappers als Catherine Snow en Paul van de Broek zien, dat de woordenschat op 3 á 4-jarige leeftijd het begrijpend lezen halverwege de basisschool voorspelt.

Meer info

Bio

Dr. Kees Vernooy was als lector op het gebied van Effectief taal- en leesonderwijs verbonden aan de hogeschool Edith Stein in Hengelo. Daarnaast werkte hij o.a. bij de Universiteit van Utrecht, de schoolbegeleidingsdienst Tilburg, CPS onderwijsontwikkeling en advies

en Expertis Onderwijsadviseurs. Op het gebied van lezen was hij als wetenschappelijk projectleider betrokken bij diverse bekende leesprojecten. Zijn laatste project was Stap voor Stap beter begrijpend lezen dat gericht was op het verbeteren van de resultaten in groep 7 en 8 op het gebied van begrijpend lezen. De projecten – ook die in het SBO – hadden sterk verbeterde leesprestaties van de leerlingen tot gevolg.

Vernooy is een pleitbezorger voor op wetenschappelijke kennis gebaseerde onderwijsvernieuwingen.

Downloads

Archief

Amsterdam 2017

De opkomst van close reading nader bekeken

Close Reading is een manier van met teksten omgaan door deze of delen ervan te lezen en te herlezen met als doel vanuit het gestelde leesdoel tot een dieper begrip van de tekst te komen. Fisher en Frey (2012) zien close reading als een praktijk waarin leerlingen vanuit interactie met de tekst door intensief en kritisch lezen een tekst onderzoeken door deze meerdere keren te lezen. Dit vraagt soms ook om het maken van aantekeningen en om nadenken over wat er met de verkregen informatie kan en moet gebeuren, maar ook om soms stil te staan bij delen van de tekst waarbij de lezer zich afvraagt of hij deze goed begrepen heeft.

Het uitgangspunt van close reading is een actieve, doelgerichte, kritische en zich competent voelende lezer die betekenis aan een tekst of delen van de tekst verleent en weet hoe hij/zij dit het beste kan aanpakken.

De opkomst close van close reading moet o.a. als een reactie worden gezien op de soms doorgeslagen grote aandacht voor leesstrategieën en woordenschat die geen beter begrijpend lezen tot gevolg hadden en waarbij vergeten werd dat bij het omgaan met teksten de nadruk juist op het lezen, begrijpen en analyseren van de tekst moet liggen.

Amsterdam 2018

Effectieve interventies voor risicolezers

Te veel leerlingen krijgen in Nederland onnodig leesproblemen en verlaten als zwakke lezer de basisschool. Deze leerlingen lopen een verhoogd risico om laaggeletterd te worden. Wetenschappelijk onderzoek laat echter zien dat vooral preventieve interventies lonen en een positief effect hebben voor de leesontwikkeling. Interventies veronderstellen dat door extra, meer intensieve ondersteuning risicolezers sneller vooruit moeten gaan dan normale lezers. Door intensieve ondersteuning en meer tijd moet als het ware hun leesontwikkeling worden versneld in de richting van de voor de groep gestelde doelen. In het bijzonder zal worden stilgestaan bij het belang van vroegtijdige interventies voor risicolezers.